De Dijken

 Afbeelding invoegen
 
Vanaf de 12de 13de eeuw bouwt de mens in de Scheldevallei de eerste dijken. Enerzijds om zich te beschermen tegen hoge waterstanden, anderzijds om land te winnen op het water.
De eerste dijken waren kleine ophogingen (oude dijk). In de loop van de geschiedenis worden de dijken verhoogd en verbeterd omdat het waterniveau blijft stijgen.
Door het opwerpen van dijken valt  de Scheldevallei uiteen in de buitendijkse slikken en schorren, die onderhevig blijven aan de getijdenwerking van het Scheldewater en binnendijks de polder die door middel van sloten en sluisjes kunstmatig ontwaterd wordt.
Vroeger kenden de schorren een landbouwkundig bodemgebruik, meer bepaald gras- of hooiland. Om die reden werden er twee dijken opgeworpen; een zomer- en winterdijk.
De zomerdijk zorgt ervoor dat de graslanden in de zomer niet overspoelen.
Bij het verlaten van het landbouwsysteem worden de schorgebieden spontaan gekoloniseerd door wilgen en ontstaan de wilgenvloedbossen.